Schoolklimaat

Pedagogisch klimaat

Het schoolklimaat

De school hecht grote waarde aan een stabiel pedagogisch klimaat. De medewerkers van de school hebben een belangrijke taak om te zorgen voor een klimaat waarin leerlingen zich veilig en gerespecteerd voelen. Dit zijn belangrijke voorwaarden om tot leren te komen. Het pedagogisch klimaat in Kentalis Talent wil tegemoet komen aan een drietal basisbehoeften van ieder mens:

  • De behoefte aan competentie: je in staat voelen belangrijke dingen te doen en goede prestaties te leveren.
  • De behoefte aan relatie: het gevoel hebben dat anderen je waarderen en met je willen omgaan.
  • De behoefte aan onafhankelijkheid (autonomie): het besef dat je dingen zelfstandig kunt doen en niet altijd bent aangewezen op de hulp van een ander.

Beleid tegen pesten

Kentalis Onderwijs kiest voor een preventieve aanpak van pesten. De aanpak is vertaald in afspraken, gedragingen en acties. Een pestprotocol is in deze aanpak onderdeel van een beleid dat zich richt op het vergroten van de sociale veiligheid. In dit kader is gekozen om herstelgericht te gaan werken. Herstelrecht is een pro-actieve en preventieve manier om pesten tegen te gaan en het sociale klimaat te stimuleren.

Op het moment dat pestgedrag door leerlingen of het personeel gemeld of opgemerkt wordt, is het belangrijk dat alle betrokken partijen weten volgens welke procedure en vanuit welke visie het probleem opgelost gaat worden. Voor dit doel is een pestprotocol opgesteld. Kentalis Talent zorgt dat medewerkers voldoende informatie hebben over het pesten in het algemeen en het aanpakken van pesten op basis van de herstelgerichte benadering. De school werkt aan een goed beleid rond pesten, zodat de veiligheid van leerlingen binnen de school zo optimaal mogelijk is. Hierdoor ontstaat een klimaat waarin pesten bespreekbaar gemaakt kan worden. Alle medewerkers van de school vervullen een voorbeeldfunctie bij het signaleren en tegengaan van pestgedrag.

Uitgangspunten:

  1. Kentalis Talent is actief in het scheppen van een veilig, pedagogisch klimaat waarin pesten als onacceptabel gedrag wordt ervaren.
  2. Grensoverschrijdend gedrag (waaronder pesten) is een probleem van alle betrokken partijen.
  3. Het probleem wordt serieus genomen. Er wordt uitgezocht wat er precies gebeurd is. Er wordt overlegd over de mogelijke oplossingen.
  4. Leerkrachten en onderwijsondersteunend personeel moeten pesten kunnen signaleren en nemen vervolgens duidelijk stelling tegen het pesten. In de klas wordt het pesten besproken en wordt de rol van alle leerlingen en de school hierin meegenomen. Ook wordt er gesproken over mogelijke oplossingen. De leerkracht gebruikt een herstelgerichte benadering.
  5. Kentalis Talent beschikt over een directe aanpak wanneer het pesten de kop opsteekt (het herstelgerichte pestprotocol).
  6. Kentalis Talent biedt preventieve/ pro-actieve lesactiviteiten aan, in alle groepen. Het team besteedt gezamenlijk aandacht aan een preventieve aanpak.
  7. Het team is zichtbaar en actief betrokken bij schoolpleinactiviteiten.
  8. De schoolregels worden met de leerlingen gemaakt, zijn bij iedereen bekend en worden nageleefd.
  9. Het principe “straffen verandert geen gedrag” wordt gehanteerd. Zodra er een klacht is over gedrag gaan klager en aangeklaagde met elkaar in gesprek aan de hand van herstelgerichte vragen. Hierbij wordt de leerling met zijn gedrag geconfronteerd en de gevolgen hiervan. Er wordt geprobeerd de achterliggende oorzaken te ontdekken. 
  10. Kentalis Talent heeft een taakverdeling waarbij de verantwoordelijkheden en rollen van ouders, leerkrachten, onderwijsondersteunend personeel, de afdelingsdirecteur, de herstelcoördinatoren en de coördinator sociale veiligheid zijn beschreven. 

Medewerkers hanteren met elkaar de volgende uitgangspunten:

  • Medewerkers sluiten in hun communicatie aan bij de communicatiebehoefte en het begripsniveau van de leerling.
  • De leerlingen worden positief benaderd.
  • Medewerkers grijpen altijd in als zich ongewenste situaties voordoen/dreigen voor te doen.
  • Medewerkers kunnen opbouwende kritiek geven.
  • Medewerkers etiketteren de leerlingen niet op stereotype gedrag.
  • Medewerkers zijn consistent en betrouwbaar in hun gedrag.
  • Medewerkers kunnen zelf ook kritiek accepteren.
  • Medewerkers geven leerlingen de ruimte om zelf mee te denken en te beslissen.
  • Medewerkers tonen de bereidheid elkaar en leerlingen te helpen.

PAD (Programma Alternatieve Denkstrategieën)

Op Kentalis Talent wordt gewerkt met het Programma Alternatieve Denkstrategieën. Het programma biedt ruim 160 lessen voor alle acht leerjaren. Per groep zijn er 20 tot 25 lessen per jaar, die een opbouw in moeilijkheidsgraad kennen. PAD is niet alleen een lessenserie, maar biedt ook handvatten die in de dagelijkse school- en thuissituatie ingezet kunnen worden. 

Binnen PAD staan vier thema’s centraal:

  • Zelfbeeld
  • Zelfcontrole
  • Gevoelens
  • Probleem oplossen

De PAD-lessen beginnen in de onderbouw bij de ontwikkeling van het zelfbeeld van het kind. De vier thema’s komen in elke groep terug, waarbij steeds herhaald wordt wat al geleerd is en kennis verder uitgebreid wordt. Per bouw verschillen de accenten: in de onderbouw ligt de nadruk op het ontwikkelen van een positief zelfbeeld en het leren van zelfcontrole, bij de middenbouw op het omgaan met gevoelens en bij de bovenbouw ligt de nadruk op het oplossen van problemen. PAD is wetenschappelijk geëvalueerd. Onderzoek toont aan dat het PAD-leerplan een bewezen effectief en betrouwbaar preventieprogramma is om pesten tegen te gaan.

Herstelrecht

Bij ruzies en conflicten wordt er op Kentalis Talent gewerkt vanuit een Herstelgerichte gedachte. De focus is hierbij vooral gericht op herstel van aangerichte schade en van verstoorde relaties. Er wordt vanuit gegaan dat bij conflicten altijd schade ontstaat. Het belangrijkste bij de herstelgerichte benadering is dat deze ontstane schade wordt hersteld door degene die de schade veroorzaakt heeft. Daar heeft het slachtoffer baat bij, maar ook de dader. We vinden het van belang dat de personen die een conflict met elkaar hebben, hierover met elkaar in gesprek gaan. In sommige gevallen gaat dat niet direct, maar is er even tijd nodig om de gemoederen tot rust te laten komen. Het gesprek wordt dan vaak geleid door een ander persoon. Dit kan een leerkracht zijn, maar ook een medeleerling (in bovenbouwgroepen). De gespreksleider bepaalt niet wie er schuld heeft of welke straf moet worden ondergaan. Deze gespreksleider laat de personen met een conflict met elkaar praten en met elkaar bepalen wat er gedaan moet worden om de schade te herstellen.

Actief burgerschap en sociale integratie

Burgerschapsvorming is het vormen van leerlingen die actief meedoen en een positieve bijdrage leveren aan de samenleving. Dit is een verplichte taak van de school. Het gaat daarbij om het oefenen van houding en vaardigheden met betrekking tot democratie, participatie en identiteit. 

Sociale integratie wil zeggen dat burgers (ongeacht hun etnische of culturele achtergrond) deelnemen aan de samenleving en bekend en betrokken zijn met de specifieke kenmerken van de Nederlandse cultuur. Scholen zijn verplicht hier aandacht aan te besteden. Wij besteden op school aandacht aan actief burgerschap en sociale integratie binnen diverse methodes en ons aanbod binnen CIDS.

Veiligheid

We hebben op school interne vertrouwenspersonen. Onze leerlingen kunnen alles met de vertrouwenspersoon bespreken, bijvoorbeeld als zij iets niet willen of durven bespreken met hun leerkracht. Het kan gaan over ongewenst gedrag, maar het kan ook gaan over andere vervelende gevoelens. Het heeft natuurlijk onze voorkeur dat gevoelens van onvrede eerst besproken worden met de direct betrokkenen, maar dit kan soms moeilijk zijn. 

Onze interne vertrouwenspersonen zijn: Claire van Oorschot (afdeling TOS), Lotte Kamps (afdeling DSH) en Anneleen Pors (coördinator sociale veiligheid).

In de algemene schoolgids kunt u lezen hoe we veiligheid verder vormgeven.  

Internet gebruik

Internetprotocol Koninklijke Kentalis Talent

Leerlingen, personeel en ouders van onze school kunnen gebruik maken van internet. Iedereen heeft de mogelijkheid gebruik te maken van diverse zoekmachines; we bieden de leerlingen met voorkeur kindvriendelijke zoekmachines aan. Internet is de verbinding met de buitenwereld. Het is onmogelijk om alle ongewenste sites af te schermen. Daarom is het belangrijk om met elkaar gedragsregels af te spreken en leerlingen te leren veilig met internet om te gaan.

Internet op school

Het is belangrijk dat leerlingen ook op school leren om het internet op een veilige manier te gebruiken. We nemen maatregelen om het veilig gebruik op school en in de klas te bevorderen. Twee documenten worden hiervoor gebruikt: "Afspraken mediaprotocol" en "Mediaprotocol voor leerlingen vanaf groep 5", deze zijn beide op te vragen op school.

Multimedia-devices

Het betreft hier het gebruik van mobiele telefoons, mp3-spelers, game devices, tablets en andere elektronica.  Doel: m.b.t. beleid mobiele telefoons (en overige persoonlijke elektronica, zoals mp3-spelers, tablets e.a.):

  • Eenduidigheid in omgaan met mobiele telefoons (en overige elektronica) voor leerlingen, ouders en leerkrachten.
  • Voorkomen van misbruik van mobiele telefoons onder schooltijd.
  • Duidelijkheid m.b.t. actie school n.a.v. misbruik van mobiele telefoons onder schooltijd.
  • Mogelijkheid tot het afleggen verantwoording naar leerlingen, ouders en leerkrachten bij misbruik.

Bezit

Het bezitten van mobiele telefoons, mp3-spelers, etc.en tablets op school is toegestaan. Denkt u er wel aan dat wij niet aansprakelijk zijn voor mobiele telefoons, mp3spelers, IPods, tablets etc. die geen eigendom zijn van de school. Diefstal, verlies of schade aan telefoons of spelcomputers vallen niet onder de verzekering van de school.

Gebruik

  • In de les worden mobiele telefoons,  tablets (e.a. devices) alleen gebruikt voor educatieve toepassingen en dit op aangeven van het personeel.
  • Buiten de lessen (pauzes, op de gang, etc.) mogen leerlingen mobiele telefoons, gamedevices en tablets niet gebruiken. 
  • Medewerkers en stagiaires mogen ook hun mobiele telefoon meenemen naar school. Gedurende de lestijden wordt er géén gebruik gemaakt van de mobiele telefoon behoudens calamiteiten en gerelateerde onderwijs activiteiten.

Toelichting

Steeds vaker hebben we te maken met problemen rondom mobiele telefoons e.a. multimediadevices die leerlingen meenemen naar school. Wij staan dan ook het gebruik van mobieltjes in school en om de school niet toe m.u.v. educatieve momenten in de klas. Onze school beschikt over meerdere telefoonlijnen, dus met de bereikbaarheid van de school zit het wel goed. Daarom is het niet nodig dat onze leerlingen mobiele telefoons mee naar school nemen. Ook tijdens pauzes willen we de telefoontjes niet zien. Wij kunnen ons echter wel voorstellen dat u het, als ouder, belangrijk vindt dat uw kind onderweg van en naar school bereikbaar is. Daarom mogen de leerlingen de telefoons wel meenemen, maar zij laten deze uitgeschakeld in de school en op het schoolplein. Pas wanneer de leerlingen het schoolterrein verlaten, kan de mobiele telefoon weer aan.

Bij misbruik en/of niet naleven van de regels worden met desbetreffende persoon (kind en ouder, medewerker) nieuwe afspraken gemaakt. Deze afspraken zullen passend zijn i.o.m. directie.

Gedragsregels

Elke klas heeft zijn eigen klassenmap. Hierin staan de onder andere de schoolregels, klassenregels en ontruimingsplan in vermeld. De klassenregels worden in het begin van het schooljaar met de leerlingen besproken en vastgelegd.