Wanneer is er reden om hulp te zoeken als een kind nog niet of weinig praat? Wat betekent een taalontwikkelingsstoornis (TOS) eigenlijk? En welke behandeling is er voor kinderen en jongeren met TOS? We vroegen het aan behandelcoördinator Janneke Corver en klinisch linguïst Eefje van der Linden-Graafland.
Wanneer is het goed om hulp te zoeken?
Eefje: “Ik zou zeggen: maak je je zorgen? Geef dit dan altijd aan, bijvoorbeeld bij het consultatiebureau of een logopedist. Het is belangrijk om te weten of je je terecht zorgen maakt. Vertrouw op je gevoel. En stel dat er niets aan de hand is, dan is dat ook fijn om te weten.”
Wat is TOS precies?
Eefje legt het zo uit: “TOS is een aangeboren probleem met het leren en het verwerken van taal. Kinderen met TOS hebben meer moeite met bijvoorbeeld verstaanbaar spreken, woorden begrijpen, woorden gebruiken of zinnen maken. Ook het gebruiken van taal in contact met anderen én in je eigen hoofd - innerlijke taal - kan lastiger zijn.”
Wat is het verschil tussen TOS en een taalachterstand?
“Achterstand suggereert al dat het ingehaald kan worden”, vertelt Eefje. “Een taalachterstand kan bijvoorbeeld ontstaan doordat een kind (door omstandigheden) minder taal aangeboden heeft gekregen. Met gerichte ondersteuning kan zo’n achterstand vaak worden ingehaald.
Bij TOS gaat het om een aangeboren factor en is er dus geen duidelijk verklaarbare andere oorzaak. En belangrijk om te weten: een taalontwikkelingsstoornis is er ook altijd in de moedertaal, wat bij een taalachterstand niet altijd zo is. Dan heeft het kind soms geen achterstand in de moedertaal, maar wel in de tweede taal. Bij TOS kun je werken aan verbetering, maar het is geen achterstand die je kunt inhalen.”
Wat zeg je tegen ouders die zich afvragen of ze iets anders hadden kunnen doen?
Eefje: “Een taalontwikkelingsstoornis is aangeboren. Hier kan niemand iets aan doen!”
Waar lopen deze kinderen tegenaan?
Janneke: “We zien dat TOS veel kan doen met een kind. Het kan op alle ontwikkelingsgebieden invloed hebben. Jonge kinderen kunnen gefrustreerd raken omdat ze niet goed kunnen zeggen wat ze bedoelen, of anderen niet goed begrijpen. Sommigen worden boos of druk, anderen trekken zich juist terug. Dat heeft direct invloed op het contact met anderen en het zelfvertrouwen van het kind. Ook op latere leeftijd kan TOS doorwerken. Bijvoorbeeld bij het schoolwerk, vrienden maken, plannen of begrijpen van teksten. Uit onderzoek blijkt ook dat psychische problemen, zoals angst en depressie, meer voorkomen.”
Kan mijn kind zich ondanks TOS goed ontwikkelen?
Janneke: “Goede ondersteuning vermindert de kans op die problemen en kan ervoor zorgen dat het kind leert omgaan met TOS en daardoor beter in zijn vel zit. We geven ook ondersteuning aan de mensen om het kind heen. Heel belangrijk, want als naasten begrijpen wat een kind nodig heeft, ontstaat er vaak meer rust, minder frustratie en meer zelfvertrouwen.
Eefje ziet dat ook in de praktijk: “Het is niet altijd zo dat ze enorme slagen hebben gemaakt in de taaltechnische kant, maar wel in hun welbevinden en in hoe ze meer initiatief durven te nemen in de communicatie. Dat is geweldig om te zien.”
Welke behandeling is er nodig bij TOS?
Janneke: “Dat is voor íeder kind anders en hangt af van de hulpvraag van het kind en de ouders. Er is van alles mogelijk: behandeling thuis, behandeling in een groep, begeleiding op school, een traject bij een Spraak & Taal Ambulatorium, voorlichting bij een kinderdagverblijf en ga zo maar door. We gaan in op de vragen die er op dat moment zijn. Ook voor jongeren hebben we behandelingen.”
Krijgen kinderen bij jullie altijd groepsbehandeling?
“Nee, we behandelen het liefst zo ‘licht’ en thuisnabij mogelijk, want dat is fijn voor een kind en ouders. Is groepsbehandeling niet nodig, dan zetten we het ook niet in. Het hangt echt af van het kind en de hulpvraag. Soms kun je de dingen die een kind wil leren juist heel goed oefenen in het contact met leeftijdsgenoten. Dan is groepsbehandeling interessant, maar we bekijken tijdens een intakegesprek samen wat er wel en niet nodig is.”
Jong starten met behandeling is belangrijk - ben je te laat als je kind al ouder is?
“Nee; we kunnen op alle leeftijden wat doen,” legt Janneke uit. “Hoe eerder je start met de behandeling, hoe beter. Dat heeft te maken met de taal- en spraakontwikkeling die dan nog volop in gang is. Maar op het moment dat een kind bij ons in behandeling komt, hebben wij passende zorg. We kunnen altijd werken aan de hulpvraag op het gebied van TOS.”
Heb je ook een vraag voor een van onze experts? Stuur je vraag naar socialmedia@kentalis.nl.