Leerkracht Rolien Koolhaas: Terugblik op ruim 40 jaar in het speciaal onderwijs

Op het schoolplein

Ze wilde het maandenlang nog niet weten, maar Rolien Koolhaas (66), intern begeleider bij Kentalis Signis in Amsterdam (Doof/Slechthorend) gaat na 46 dienstjaren in het voorjaar 2024 officieel met pensioen. In haar loopbaan maakte ze alle ontwikkelingen rond onderwijs voor dove en slechthorende leerlingen mee: van totale communicatie, via de komst van het cochleair implantaat naar de erkenning van de Nederlandse Gebarentaal. Vooral dat laatste een absoluut hoogtepunt. Haar pensioen is voor haar team een hele aderlating, zegt Marjo Mekkelholt, directeur Kentalis Signis, al blijft ze tot april 2024 nog 4 uur per week actief op school: ‘’Rolien heeft een hart voor de leerlingen, dat ongeëvenaard is. Wát gaan wij haar straks missen!’’ 

Over Rolien

"Pensioen? Mijn hoofd is er aan toe, maar mijn hart nog niet''!

Sinds 2000 werkt Rolien officieel bij Kentalis, al startte ze in 1982 op de J.C Ammanschool. Tegenwoordig is het niet vanzelfsprekend om langere tijd bij eenzelfde werkgever te werken. Rolien deed dat wel: ‘’Ik voel me gewoon heel erg thuis in het onderwijs aan dove en slechthorende kinderen. Zeker ook op deze school. Met mijn team en onze leerlingen heb ik het dan ook erg naar mijn zin. Waarom zou je dan verkassen?’’ In de opmaat naar haar pensioen stelden wij Rolien een aantal vragen. Wat zijn haar drijfveren geweest in al die jaren, wat blijft haar het meest bij en heeft zij nog tips voor (nieuwe) collega’s in het onderwijs van Kentalis? Rolien geeft het antwoord!

Hoe kwam je 40 jaar geleden in het speciaal onderwijs terecht?

‘’Ik startte in het regulier basisonderwijs, maar wegens een te laag aantal leerlingen kwam ik in de tachtiger jaren in de wachtgeldregeling terecht. Dat was niks voor mij. Mijn moeder had een kennis die logopedist was; op haar school – de J.C. Ammanschool - zochten ze een ‘spreekleerkracht’.
Ik had nog nooit een doof of slechthorend kind ontmoet, maar werd door mijn ervaring in het onderwijs toch aangenomen. Blanco maar enthousiast ging ik erin. Daar leerde ik de kinderen o.a. via de spiegel spreken. Per toeval kwam ik dus op deze school terecht, maar ik voelde me er meteen thuis! Na een aantal fusies heet de school nu Signis en is onderdeel van Kentalis. Op een gegeven moment kreeg ik een eigen groep van acht kinderen. Ik heb heel wat middelen om de communicatie te bevorderen gebruikt: gebaren, vingerspelling, geschreven taal, lichaamstaal, mimiek en gesproken taal. Dat ging me gelukkig goed af. Al met al was ik ruim 27 jaar leerkracht, kort ambulant begeleider en daarna 15 jaar intern begeleider, in de eerste jaren gecombineerd met een groep. Ik vind het fijn om langer bij één werkgever te werken: je maakt dan zoveel mee qua vernieuwingen en je krijgt echt een band met de school en alles wat daarbij hoort. Superleuk!’’

Waar komt jouw affiniteit met het speciaal onderwijs vandaan?

‘’Toen ik nog voor de klas stond in het regulier onderwijs, had ik een klas van dertig leerlingen. Daar zaten altijd wel leerlingen bij met leer- en/of gedragsproblemen, die veel meer aandacht nodig hadden en die echt in zo’n grote groep ondersneeuwden. Deze leerlingen verdienen meer aandacht en die kon je destijds niet geven. In het speciaal onderwijs kan dat juist wel en ik vind het erg leuk dat daardoor het contact met je leerlingen en ouders intenser is dan in het regulier onderwijs. Met geduld en aandacht breng je een kind zoveel verder; je ziet ze zichzelf bijna per dag ontwikkelen. Het kind zién! Daar word ik heel blij van.’’ 

Wat vind je het leukst aan jouw baan?

‘’Mijn drijfveer is vooral om bij te dragen aan hun verdere ontwikkeling en ook om de leerlingen te leren dat ze verwachtingen mogen hebben. Dat ze de wereld met een positieve blik bekijken. En de kinderen op het goede spoor te zetten, als hun ‘beperking’ het leren soms in de weg zit. Als intern begeleider vind ik de afwisseling in het werk erg leuk. De ene keer loop ik met boeken te sjouwen, geef ik een rondleiding; een andere keer begeleid ik een leerkracht en weer op een ander moment verdiep ik me in onderwijskundige ontwikkelingen. En vergeet de administratie en de overleggen niet. Geen dag is hetzelfde! Wat mij ook drijft, is uitgaan van de kracht van een leerling of leerkracht; dus niet waar iemand niet goed in is. Van daaruit kijken wat er nog beter kan en hoe. Verder vind ik het teamwork op onze school heel fijn: iedereen staat open voor samenwerking en leren. We hebben onder andere intervisiebijeenkomsten, waar iedereen altijd weer iets uit kan halen. Eigenlijk heb ik gewoon een topbaan met een topteam!’’ 

Heb je momenten beleefd, waarop je dacht: ‘’hier doe ik het voor’’?

‘’Te veel momenten om op te noemen, maar ik heb wel een voorbeeld. Ik kreeg een keer een leerling van een andere school (voor slechthorende leerlingen) in mijn groep. Zij was heel erg onzeker, wat haar leren echt belemmerde. Door de goede groep en door vertrouwen te geven, kreeg zij stapje voor stapje steeds meer geloof in eigen kunnen. Mijn hart maakte een sprongetje toen ik later hoorde dat zij HBO Pedagogiek met succes had afgerond! In algemene zin vind ik het ‘t allermooist om de kinderen klaar te stomen voor een plek in de maatschappij.’’

Je hebt heel veel meegemaakt qua veranderingen. Welke zijn je het meest bijgebleven?

‘’Dat wij alle lessen voor taal en lezen zelf maakten vond ik heel leuk. We gebruikten wel een bestaande rekenmethode, maar dat we nu reguliere methodes gebruiken is natuurlijk een groot goed. Dat steeds meer kinderen een cochleair implantaat gingen dragen, is wel een belangrijke ontwikkeling geweest. Maar we moeten ons blijven realiseren dat als de CI afgezet is, de kinderen doof zijn. Gebaren(taal) blijft altijd belangrijk. De erkenning van Nederlandse gebarentaal (NGT) is wel één van de belangrijkste ontwikkelingen; dat vond ik een heel belangrijk en mooi moment. 
Laat ik niet vergeten de hele ommezwaai van papier naar digitaal. Over het algemeen heb ik die ontwikkelingen kunnen volgen, met dank aan mijn geduldige collega’s. Ik ben zeker blij met de mogelijkheden die digitalisering biedt, vooral ook qua lesmateriaal. Wat ik een fijne ontwikkeling vind, is dat we op onze school echt kijken naar wat onze leerlingen nodig hebben en passen onze didaktiek daar op aan. Zeg maar onderwijs op maat en je uiterste best doen om de Kentalis-ambities te halen. Om ‘bij’ te blijven heb ik veel cursussen gevolgd. Natuurlijk op het gebied van speciaal onderwijs, maar ook de opleidingen Ambulant/-intern begeleider en SVIB (beeldcoach). Ook lees ik in mijn vrije tijd veel over mijn vak, onder andere over didaktiek, het boek ‘’Mijn leerling hoort slecht’’ van Harry Knoors” en natuurlijk het Masterplan geletterdheid.’’
 

Wat maakt werken bij Kentalis voor jou bijzonder?

‘’Dat wij hét onderwijs aan dove en slechthorende kinderen in huis hebben, plus het leren van de Nederlandse Gebarentaal (NGT). Dat leer je niet in één jaar; zo heb ik er een aantal jaren over gedaan om het onderwijs aan deze specifieke doelgroep onder de knie te krijgen. Ik gebruik het meest NmG (Nederlands ondersteund met gebaren) en dat gaat me goed af. NGT gebruik ik uiteraard ook, maar daar ben ik iets minder bedreven in. Ik ervaar het als fijn dat op school iedereen NmG gebruikt. Het is bijna gek als je thuiskomt en het niet meer ‘hoeft’. Dan doe ik het evengoed nog wel.’’

Heb je nog tips voor mensen die in het speciaal onderwijs willen werken?

‘’Jazeker: heb geduld, kijk heel goed naar het kind, wees duidelijk en vooral ook: zorg zo nu en dan voor humor in de klas. Zorg dat de kinderen zich veilig voelen in de groep en steek echt energie in de relatie met je leerlingen en ook met hun ouders. Want een goede relatie met het kind én de ouders maakt het werk nog mooier dan het al is. Wat je vooral niet moet doen, is kinderen ‘pamperen’. Daar ‘groeien’ ze niet van.’’

Wat ga je vanaf je pensioen het meest missen en hoe ziet je pensioentijd er uit?

‘’Heel veel. Vooral de school, de leerlingen en mijn team. De blijdschap die de kinderen om zich heen hebben hangen. Het dagelijks ritme, naar school gaan: ik ben geen dag chagrijnig naar school gefietst! Hoe mijn afscheid er uit gaat zien weet ik niet, al weet ik wel dat ik dan een traantje moet laten.”
 

Heb je nog een vraag gemist, waar je graag nog antwoord op wilt geven?

‘Ik houd een heel goed gevoel over aan mijn tijd bij Kentalis. Als je iets wil, biedt Kentalis je de kans; er is veel mogelijk. Ik ben supertrots op mijn eigen school, op de leerlingen en op de betrokkenheid van het hele team. Met als doel het beste onderwijs en de beste zorg voor ónze leerlingen!’’